De provincie Zuid-Holland vindt dat de aanleg van een Tweede Kaagbaan op Schiphol niet mag leiden tot extra geluidshinder in (het noorden van) Zuid-Holland. In een brief wijzen Gedeputeerde Staten (GS) minister Eurlings van Verkeer erop dat dit wel geval is, als de plannen voor deze nieuwe start- en landingsbaan worden doorgezet.
De brief is in samenspraak gemaakt met de betrokken gemeenten in het noorden van Zuid-Holland en reageert op de nieuwe Luchtvaartnota. In deze nota houdt de minister de mogelijkheid voor een Tweede Kaagbaan open. GS waarschuwen Eurlings en diens collega Cramer van VROM voor de forse toename van geluidshinder in Zuid-Holland bij een Tweede Kaagbaan.
Een onafhankelijk adviesbureau heeft hier in opdracht van de provincie onderzoek naar gedaan. Daaruit blijkt dat een Tweede Kaagbaan het aantal "ernstig gehinderden" in het noorden van Zuid-Holland met 17 procent zou doen toenemen (van 16.500 naar 19.300). Voor Teylingen, Oegstgeest, Nieuwkoop en Lisse ligt dit percentage zelfs nog hoger, tot wel 37 procent in bijvoorbeeld Lisse.
Verder plaatsen GS kanttekeningen bij de uitwijkmogelijkheden van vluchten op Rotterdam Airport. De Luchtvaartnota ziet in Rotterdam een "ondersteunende rol" voor vluchten van Schiphol, vergelijkbaar met de toekomstige rol van Lelystad en Eindhoven
Volgens GS verdraagt een dergelijke optie zich moeilijk met de hinder beperkende maatregelen die de provincie het afgelopen jaar met de omliggende gemeenten heeft voorgesteld aan minister Eurlings. De minister heeft een deel van die maatregelen inmiddels overgenomen in zijn ontwerp Aanwijzingsbesluit, feitelijk de nieuwe gebruiksvergunning voor Rotterdam Airport.